
Waterstaatswet 1900
Artikel 11
[1.] Bij verordening kan worden bepaald, dat op erven en gronden, gelegen aan een watergang, waarvan het onderhoud geschiedt door of onder toezicht van het openbaar gezag, de specie moet worden ontvangen, welke, tot behoorlijk onderhoud voor de af- of aanvoer van water, uit den watergang wordt verwijderd.
[2.] Behoudens aanspraak op schadevergoeding moet op erven en gronden, gelegen aan een watergang, welke door of onder toezicht van het openbaar gezag voor de af- of aanvoer van water wordt verbeterd of met toepassing van art. 12 wordt aangelegd, de specie worden ontvangen, welke te dien einde wordt verwijderd.
[3.] Erven en gronden, gescheiden van den watergang door een weg, voetpad of ander werk of door een grondstrook te gering van breedte om de specie te ontvangen, worden als aan den watergang gelegen aangemerkt.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
-
LJN AA6431, Hoger beroep, 199901671/1.
Rechtsoort
Bestuursrecht overig
Datum uitspraak
08-06-2000
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Hoger beroep
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Raad van StateIn Keur vastgelegde ontvangstplicht van maaisel in verband met periodiek onderhoud is niet in strijd met art. 11 Waterstaatswet 1900. Beroep tegen vaststelling Keur. Het geschil is beperkt tot de rechtmatigheid van art. 7.1 Keur. Ingevolge dit artikelonderdeel ontvangt een eigenaar of gebruiker van...